
Lora
Een heel bijzondere vogelsoort is de geelvleugelamazone-papegaai (Amazona barbadensis), lokaal lora genoemd. Deze wordt wel eens verward met de Caribische parkiet (prikichi). Beide vogels zijn knalgroen en hebben een gele kop maar de lora heeft ook gele schouders en een kortere staart. Ze zijn ook wat groter dan de parkieten maar maken minder kabaal.
De parkieten zie je, meestal in paartjes, overal op het eiland rondvliegen. Om de lora te zien moet je wel wat geluk hebben. De fraaie lora kwam vroeger algemeen voor in noordelijke delen van Latijns-Amerika en op de Cariben. Er is echter zoveel op gejaagd dat ze nu alleen nog te vinden zijn langs de kust van Venezuela en een paar Caribische eilanden, waaronder Bonaire. Een zeldzaam beestje dus.
Op Bonaire is het natuurreservaat Washington-Slagbaai het leefterrein van de lora, waar de vogel zich voedt met zaden en vruchten van bomen en cactussen. De vogels broeden van mei tot augustus en een nest bevat meestal niet meer dan een of twee jongen. Het dier is al sinds 1952 beschermd maar dit houdt stropers, vaak van buiten Bonaire, niet tegen.
Jonge dieren worden brutaal uit het nest gehaald en verhandeld als huisdier. Het zijn geliefde kooivogels, vooral in Venezuela maar ook op Aruba en Curaçao leveren ze in de illegale handel veel geld op. Een andere bedreiging voor de lora is het gebrek aan voedsel. In erg droge periodes kunnen ze niet genoeg te eten vinden in het park en wijken uit naar Rincon en Kralendijk waar ze een gemakkelijke prooi vormen. In het ergste geval leggen ze geen eieren meer of sterven ze.
Op Bonaire leefden in 1997 minimaal 600 lora’s in gevangenschap. Nadat de overheid in samenwerking met het Wereld Natuurfonds een grootscheeps educatieprogramma startte werden veel kooivogels geregistreerd en geringd, en sommige kregen de vrijheid terug. Nog steeds zijn er op Bonaire echter meer kooivogels dan exemplaren in het wild (circa 400).
www.worldparrottrust.org (papegaaienbescherming)