Brazilië: Bevolking

Carnaval in Rio de Janeiro
Carnaval in Rio de Janeiro, ©Nicolas de Camaret from São Paulo, Brazil

Er wonen nu 200 miljoen mensen in Brazilië. Een eeuw geleden waren het er welgeteld 20 miljoen. Vertienvoudigd in honderd jaar. Sommige progno-ses voorspellen bij ongewijzigde omstandigheden en beleid elke dertig jaar een verdubbeling van het inwonersaantal. Anderen voorspellen dat rond 2030 de groei er uit is en het aantal inwoners stabiliseert.

Cijfers en prognoses, die een nadere verklaring vragen. Vanwaar die enorme groei? Zoals reeds enkele malen in het voorgaande gezegd is Brazilië een land van immigranten. Allereerst van Europeanen, de Portugezen voorop, die Brazilië koloniseerden en daarop een stempel drukten van hun eigen geloof (het christendom), hun wetten en hun moraal. Later kwamen Italianen en Duitsers, Engelsen, Fransen en Nederlanders die vooral een bijdrage leverden op het gebied van handel, industrialisatie en landbouw en zo hun sporen door de Braziliaanse samenleving trokken.

Uit Angola en Kongo werden negers naar Brazilië gehaald om als slaaf het land te helpen opbouwen. Ook die namen hun eigen cultuur mee, die zij door alles heen bewaarden. Ze oefenden daarmee grote invloed uit op de Braziliaanse samenleving waarin zij cultureel een hoofdrol bleven spelen. In weer een latere fase hebben Aziaten uit Rusland en immigranten uit Japan en Libanon een eigen onmiskenbare bijdrage geleverd aan de Braziliaanse samenleving.

Al deze immigranten overspoelden het land van de onbegrensde mogelijkheden en onuitputtelijke rijkdommen, maar verdrongen de oorspronkelijke bewoners, de Indianen, die levend in verschillende stamverbanden een eigen cultuur hadden, maar verjaagd en vermoord werden. Teruggebracht tot geringe aantallen maken zij nu een beschermd en min of meer geïntegreerd deel uit van de huidige samenleving.

Kenmerkend voor Brazilië is het streven dat al deze volkeren zo gelijkwaardig mogelijk samenleven en hun cultuur en samenleving openstellen voor de invloeden van anderen, ook al leeft de gemiddelde Braziliaan – behalve dan de Indianen, die in stamverband één grote familie vormen – in gezinsverband volgens de ingegeven Europese christelijke moraal. Pa, moe en de kinderen wonen in een huis, waarin soms ook onderdak wordt geboden aan de nog levende grootouders.De kinderen gaan het huis uit als zij gaan trouwen of wegens studie of werk naar elders vertrekken.

Althans, zo zou het moeten zijn, maar de economische situatie dwingt de armen van dit ideaal af te wijken. De vader kan zijn gezin niet onderhouden, vertrekt radeloos en in zijn eer aangetast op zoek naar werk, Natuurlijk zal hij succes hebben, veel geld sturen en als rijk man terugkomen. Maar dat lukt bijna nooit en vader is in de anonimiteit verdwenen. In de armzalige krotwoning kan moeder niet meer voor eten zorgen, de kinderen lopen weg en zoeken allerlei, vaak hele creatieve oplossingen om voor zichzelf te zorgen. Ze gaan met grotere kinderen mee naar de markt, zoeken afval, gaan bedelen of stelen uit stilstaande vracht-auto’s bij een verkeerslicht en als ze groter zijn gaan ze een meestal duister handeltje opzetten. Ze behoren daarmee tot de ‘25 miljoen zwerfkinderen’, over wie bericht wordt in de wereldmedia.

In Brazilië zal men, ongewild of niet, met dit maatschappelijk probleem kennismaken door kinderen te ontmoeten die aan de kost trachten te komen door het bezorgen van frisdrankjes op het strand of de verkoop van pinda’s op de terrasjes, met schoenen poetsen, door muziek te maken, maar ook door te bedelen en/of te stelen. Dit probleem kan niet door de bezoeker worden opgelost, ook niet gedeeltelijk. De oplossing ligt uitsluitend in handen van de politici die ook heus wel weten dat Brazilië zijn jonge generatie verwaarloost.

De leuze waarmee de verkiezingskandidaten scoorden was ‘Educação’ wat staat voor opvoeding, onderwijs, verzorging, een vak leren enzovoorts. De regering Lula heeft deze toezegging ook waargemaakt, dat wil zeggen: een begin gemaakt met het aanpakken van het probleem. Beleid is dat op alle staatsscholen de kinderen een maaltijd krijgen, gratis. Dat heeft twee voordelen: kinderen krijgen minstens één gezonde maaltijd per dag en – belangrijker – kinderen gaan naar school en krijgen daar onderwijs. Over het niveau daarvan komen we nog terug, maar in ieder geval is het naar school gaan, enige discipline aanleren al beter dan ordeloos zwerven. Onderwijs is het thema, waar iedere Braziliaan over begint en een steeds weerke-rend onderwerp als u met een Braziliaan over politiek praat (en iedere Braziliaan doet dat).