Grotere zelfstandigheid voor Canada

Met de Oorlog van 1812 houden de ontwikkelingen en de geschiedenis van Canada natuurlijk niet op. Binnen de koloniën, vooral in Upper- en Lower-Canada, werd het autocratische bewind van de Britse regering steeds meer als ongewenst gevoeld. De benoeming van allerlei functionarissen en instituten door de gouverneur-generaal werd ondemocratisch gevonden. Met een scheef oog werd naar de VS en naar Frankrijk gekeken, waar openbare functies vervuld werden door mensen die door het volk gekozen waren. Radicalen en hervormers lieten steeds vaker van zich horen en kregen steeds meer aanhang.

Opstanden

In 1837 en 1838 kwamen er opstanden. De Britse regering wist die de kop in te drukken en besloot in 1840 de beide Canada’s weer samen te voegen tot de Verenigde Provincie Canada. Er kwam een gekozen parlement waarin het kleinere voormalige Upper-Canada net zoveel zetels kreeg als het grotere Franstalige deel van het voormalige Lower-Canada. Bovendien werd het Engels de officiële taal. Zeven jaar later bepaalde gouverneur-generaal Lord Elgin dat de regering in het vervolg verantwoording moest afleggen aan de volksvertegenwoordiging. Er werd een grote mate van autonomie verkregen. Ook de andere Engelse koloniën kregen hetzelfde soort zelfbestuur.

Underground Railroad

Rond deze tijd kwam een vluchtelingenstroom op gang vanuit de VS naar de koloniën van Groot-Brittannië in Noord-Amerika. Die betrof negerslaven die van de suikerplantages in het zuiden ontsnapt waren en hun vrijheid zochten voorbij de noordelijke grenzen. Zij volgden de Underground Railroad, de ondergrondse spoorweg. Het zijn de voorouders van grote groepen zwarte mensen in het oosten van het tegenwoordige Canada.

Slavernij verboden

Slavernij was sinds 1793 in de toenmalige Britse kolonie Upper-Canada (tegenwoordig Ontario) verboden. Het werd daarmee een aantrekkelijk gebied voor de vluchtende slaven. Slavenjagers trokken zich echter niets van grenzen aan. Hulpvaardige Canadezen richtten daarom veel schuilplaatsen in om de voormalige slaven enige tijd te verbergen. De meesten kwamen binnen via de streek tussen Windsor en Amherstburg en bij Fort Erie en Niagara Falls, alle in de provincie Ontario. Je vindt daar op diverse plaatsen herinneringen aan (meer hierover in de sectie Bezienswaardigheden Ontario).

Eindstation

Die ondergrondse spoorweg had niets te maken met treinen of tunnels maar was een stelsel van opvangplekken in de VS, stations genoemd, en Canada was het eindstation. Meestal waren dat boerderijen waar gevluchte Amerikaanse slaven konden uitrusten en verder konden worden geholpen naar het vrije noorden. Zij reisden vooral 's nachts en gebruikten de poolster als richtpunt. Dat is een heldere ster in het noorden die op een vrijwel vaste positie staat, het dichtst boven de noordpool. Haar eigenlijke naam is Polaris en ze zit in het sterrenbeeld Kleine Beer. De vluchters werden begeleid door 'conductors', conducteurs dus. Er waren, net als bij de echte spoorwegen, dispatchers, agents en engineers, respectievelijk wegbrengers, tussenpersonen en verzorgers van transportmiddelen (bijvoorbeeld wagens met een dubbele bodem). De vluchtelingen waren 'passengers'. De routes werden vaak gewijzigd om achtervolging door slavenjagers en slavenmeesters te voorkomen of te misleiden. In kerkgezangen en liederen tijdens het werk werden geheime codes gebruikt om boodschappen door te geven over routes, tijdstippen van vertrek, contactpersonen en dergelijke. Tussen eind achttiende eeuw en het eind van de Amerikaanse Burgeroorlog in 1865 zouden tienduizenden deze 'spoorweg' naar hun vrijheid hebben gevolgd. Gezien het ondergrondse, geheime karakter zijn precieze getallen niet bekend. Sommige bronnen schatten dat er zo'n zestigduizend 'passagiers' zijn geweest. Na de burgeroorlog zouden rond twintigduizend van hen weer zijn teruggegaan naar de VS.

Burgeroorlog

In 1861 raakten de Britse koloniën in Noord-Amerika opnieuw verwikkeld in een oorlog van de USA. Ditmaal betrof het de Amerikaanse Burgeroorlog die duurde van 12 april 1861 tot 26 mei 1865. De strijd ging tussen de noordelijke en zuidelijke staten van de VS. De Canadese koloniën stonden sympathiek tegenover de zuidelijke staten, omdat zij vreesden dat de noordelijken Canada zouden willen binnenvallen om grondgebied in te nemen. Tussen de Verenigde Provincie Canada en het in het uiterste westen gelegen British Columbia was een groot gebied dat min of meer open lag, zonder degelijk bestuur en zonder verdediging. Dat zou een makkelijke prooi voor de Amerikaanse noordelijken kunnen zijn. Met het steunen van de zuidelijken werd gehoopt dat die zouden helpen bij een eventuele inval van de noordelijken. Er werden zelfs zuidelijke troepen gestationeerd in Montréal. Die hebben de noordelijken enkele keren daadwerkelijk aangevallen. Tot een volledige oorlog is het echter niet gekomen.