Onafhankelijkheid voor Canada

De Burgeroorlog in de Verenigde Staten en de kwetsbaarheid van grote delen van de Britse koloniën in Noord-Amerika voor inlijving door de VS zetten vele politici aan het denken. Met het groeien van de macht van de VS vonden ze dat een vereniging van de Britse koloniën de enige manier was om een eventuele annexatie te voorkomen.

In september 1864 kwamen politieke leiders van de oostelijke koloniën (New Brunswick, Newfoundland, Nova Scotia, Prince Edward Island) bijeen in hoofdstad Charlottetown van Prince Edward Island om over een samenwerkingsverband te overleggen. Vlak voor het begin van de vergadering meldde ook de Verenigde Provincie Canada zich en sloot ook deze kolonie zich bij de besprekingen aan. Deze gebeurtenis wordt gezien als de geboorte van het tegenwoordige Canada en de eerste stappen naar onafhankelijkheid. Uiteindelijk doel was het hele grondgebied tussen de Atlantische Oceaan, de Noordelijk IJszee en de Grote Oceaan onder één bestuur te brengen.

Federatie

Een maand na die eerste bijeenkomst werden de beraadslagingen voortgezet in Ville de Québec. Op voorstel van het Franstalige oostelijke deel van de Verenigde Provincie Canada werd gewerkt aan een federatie van zelfstandige provincies met eigen parlementen en een sterke centrale regering plus parlement. Op 29 maart 1867 ging het Britse parlement akkoord met die plannen. Nog datzelfde jaar op 1 juli was de ‘Dominion of Canada’ een feit. Canada was vanaf dat moment een autonome natie, een onafhankelijke federatie. Ze bleef echter wel deel uitmaken van het Britse Gemenebest. De Engelse koning of koningin bleef ook staatshoofd van Canada. Dat is tot op de dag van vandaag nog zo.

Niet alle koloniën sloten zich meteen bij de nieuwe confederatie aan. Vooralsnog haakten Prince Edward Island en Newfoundland af. British Columbia was er helemaal nog niet bij betrokken. De dominion bestond op 1 juli uit de provincies Canada-West dat de naam Ontario kreeg, Canada-Oost dat Québec ging heten, New Brunswick en Nova Scotia.

Uitbreiding

In 1870 nam het kersverse Canada Rupert’s Land over van Canada's oudste bedrijf Hudson’s Bay Company. Dat omvatte een gebied tussen Ontario, de Noordelijke IJszee, Alaska en British Columbia. Daarmee werd de federatie in één klap twee keer zo groot. Zie over de Hudson's Bay Company ook onder koloniaal tijdperk. Dat nieuwe gebied werd rechtstreeks beheerd door de federale regering. Ten westen van Ontario werd er een stuk afgehaald voor de vorming van de provincie Manitoba. British Columbia voegde zich in 1871 bij de jonge federatie na de belofte dat ze met een spoorlijn met de rest van Canada zou worden verbonden. Prince Edward Island volgde in 1873. Groot-Brittannië droeg in 1880 de arctische eilanden in de Noordelijke IJszee over aan de confederatie. In 1898 werd het territorium Yukon gecreëerd in een gebied ten noorden van British Columbia tot aan de Noordelijke IJszee. Woeste gronden ten noorden van Québec en Ontario werden bij die provincies gevoegd. Van het gebied tussen Manitoba en British Columbia werden in 1905 de provincies Saskatchewan en Alberta gemaakt. Ten oosten van de Yukon en ten noorden van Alberta, Saskatchewan, Manitoba, Ontario en Québec kwamen de Northwest Territories. Newfoundland voegde zich in 1949 bij Canada. Van de oostelijke helft van de Northwest Territories werd in 1999 het territorium Nunavut gemaakt.

Grondwet

Overigens kreeg de federatie Canada pas in 1931 grondwettelijke onafhankelijkheid toen het Britse parlement het statuut van Westminster aanvaardde waarin dat werd geregeld. Een eigen grondwet werd in 1982 vastgesteld, gebaseerd op de afspraken met Groot-Brittannië van 1867 en de diverse wijzigingen die sindsdien waren aangebracht.

Wereldoorlogen

In de jaren tot de Eerste Wereldoorlog wist Canada zich op te werken tot een erkende industrienatie en agrarische grootmacht. De Grote Depressie ging echter ook aan Canada niet voorbij. In de jaren dertig van de 20e eeuw was een kwart van de beroepsbevolking zonder baan. De Tweede Wereldoorlog bracht evenwel, hoe triest de situatie in Europa ook was, voorspoed in Noord-Amerika. Canada leverde een zeer actieve bijdrage aan die oorlog, niet alleen met manschappen maar ook door de bevoorrading van de geallieerde troepen en de bouw van vliegtuigen en ander oorlogsmaterieel. Dat leverde werk op en het stuwde Canada de depressie uit. De groei in de economie kon na de Tweede Wereldoorlog worden vastgehouden, hoewel er natuurlijk ook recessiejaren waren. De vondst en exploitatie van grote hoeveelheden mineralen en energiebronnen heeft het land geholpen snel vooruit te komen.