Houten kerken

De houten kerk van Príka
De houten kerk van Príka

In Oost-Slowakije staan nog zo’n 26 interessante houten kerken, die tot nationaal cultureel erfgoed zijn uitgeroepen. Ze staan in een bosrijke omgeving. Het gebied ligt op een plek waar oost (Byzantijns) en west (rooms-katholiek) elkaar ontmoeten. De meeste kerkjes zijn gebouwd volgens de Byzantijnse traditie, maar vaak zijn er ook rooms-katholieke elementen te herkennen. Veel kerken zijn gebouwd in de oost-westrichting. Ze bestaan uit 3 delen. De centrale ruimte is bedoeld voor de gelovigen. Aan de oostkant bevindt zich de heilige ruimte waar ook het altaar staat. Meestal is de ruimte door middel van een iconostase (een iconenwand) afgesloten van de rest van de kerk. Aan de westelijke kant van de kerk staat de toren met daaronder de ingang. Meestal dient de toren ook als klokkentoren, maar soms staat die er los naast. Veel van de kerken hebben 3 koepels. Die koepels symboliseren de Heilige Drie-eenheid (God de Vader, God de Zoon en de Heilige Geest).


De meeste houten kerken zijn door Roethenen gebouwd. Dit is een bevolkingsgroep die in het gebied rond het drielandenpunt (Slowakije, Polen en Oekraïne) woont. Tot in de Tweede Wereldoorlog woonden er veel meer Roethenen in Slowakije dan tegenwoordig. Aan het einde van de oorlog werd een groot deel van hun woongebied geannexeerd door de Sovjet-Unie (het huidige Oekraïne). De meeste Roethenen zijn Grieks-katholiek, een kruising tussen rooms-katholiek en orthodox. In de kerk worden orthodoxe rituelen en een oude Slavische liturgie gebruikt. Maar de paus is wel het hoofd van de kerk.


Het Grieks-katholicisme ontstond aan het einde van de 16e eeuw. Na de contrareformatie hadden Roetheense orthodoxe priesters gebroken met hun gezagdragers en zochten ze aansluiting bij Rome. Ze bleven Grieks-katholiek tot na de Tweede Wereldoorlog. Daarna probeerden de communisten hen tot het Russisch-orthodoxe geloof te bekeren. Dat lukte maar ten dele. De meeste Roethenen verzetten zich hier fel tegen en bleven hun kerk trouw. Roethenen gebruiken het Cyrillisch schrift. Daarom hebben sommige plaatsen in Noordoost-Slowakije twee naambordjes, één in het Latijnse schrift en één in het Cyrillisch.


Sommige kerken zien er een stuk lichter uit dan de andere. Dan is de kerk uitgebreid gerestaureerd en zijn de houten muurpanelen en de dakpannen vervangen. De belangrijkste houtsoort die oorspronkelijk bij de bouw gebruikt werd is rode spar. Dat hout is erg hard en vrij weersbestendig. Later, toen de rode spar schaarser werd, werden ook andere sparsoorten gebruikt. Op de kerken zijn 4 soorten kruizen te onderscheiden: Het Byzantijnse kruis met aan elke kant 2 horizontale armen; het pauselijke kruis met aan elke kant 3 armen, het ‘gewone’ Latijnse kruis en het Griekse kruis. De kerken werden gewoonlijk op heuvels gebouwd, iets buiten het dorp. Eromheen staat vaak een houten muurtje, met een dakje erop. Regelmatig worden de kerken omringd door lindebomen. De meeste kerken worden nog steeds gebruikt voor de eredienst.

Ruim de helft van de houten kerken ligt rond Svidník, de meeste anderen staan ten oosten van Snina. De kerk in Jedlinka (1763) is barok. Dat is vooral te zien aan de iconostase. De kerk van Sint-Paraskieva in Dobroslava is gebouwd in de vorm van een kruis. Hij heeft 5 ruimtes. Het hoofdaltaar is verfraaid met een icoon van de Heilige Drie-eenheid. De kerk ligt in de Vallei des Doods. In oktober 1944 werd hier wekenlang fel gestreden met behulp van tanks (zie ook bij Dukla).

Rondom de 18e-eeuwse Sint-Michaëlkerk in Ladomirová ligt een oud kerkhof. Op de graven staan houten, stenen en metalen kruizen. De kerk in Krajné Cierno is in 1999 volledig herbouwd. Het interieur is een van de rijkste van alle houten kerken in de omgeving. De barokke iconostase en het altaar stammen uit de 17e eeuw, net zoals de icoon waarop Jezus van het kruis gehaald wordt. De kerk in Šemetkovce is vrij klein. Hij is gewijd aan de aartsengel Michaël, net zoals die van Príkra, het kleinste dorp van Slowakije.


De kerk in Mirol’a is gewijd aan de Maagd Maria. De Grieks-katholieke kerk is gebouwd in 1770 en ligt vlak bij het natuurgebied Mirol’ksá Slatina. Sint-Nicolaas is op de iconen in zijn kerk in Bodružal in bisschopskleding gestoken. De Mariakerk in Nižny Komárnik is in verhouding vrij nieuw. De kerk werd gebouwd in 1938. Hij heeft wel drie koepels, maar bijzonder is dat de middelste het hoogst is. De dakranden zijn geschilderd in vrolijke kleuren
De kerk in Lukov stamt uit 1708. De kerk is gewijd aan de heiligen Kosmas en Damian. Het meest waardevolle paneel van de iconostase bevat een schildering van het Laatste Oordeel. Ook de Sint-Lukaskerk in Trocany, de kerk van de ontmoeting van de Heer met Simon in Kožany en de Mariakerk in Korejovce zijn Grieks-katholiek.

De kerk in Ulicské Krivé is gewijd aan de aartsengel Michaël. Hij heeft een rijk, barok interieur. De iconostase heeft barokke en rococo-elementen. De Sint-Vasilikerk in Kalná Roztoka is als een van de weinige aan de buitenkant gestuct. De kerk in Inocve is Roetheens (Karpato-Oekraïens). Andere houten kerken staan onder meer in Hrabová Roztoka en Krivé.

De kerken zijn meestal gesloten. Naast de deur hangt soms een bordje waarop staat wie de sleutel heeft. En anders kun u er in het dorp naar vragen (sleutel = kl’úc).


Iconen en iconostases

Houten kerken in Oost-Slowakije  zijn verborgen schatkamersHet woord icoon komt van het Griekse eikon = beeld. Het is een afbeelding van een heilige of goddelijke. Ze zijn precies gekopiëerd van de oerafbeelding, die niet door mensenhanden gemaakt is. Iconenschilders moeten zich tijdens hun werk aan allerlei regels houden. Zo moeten ze bijvoorbeeld vasten. Ook is er voorgeschreven hoe de heilige of goddelijke moet worden afgebeeld en welke kleuren mogen worden gebruikt.
In Byzantijnse kerken wordt de hoofdruimte door een iconenwand, een iconostase van de heilige ruimte gescheiden. In de iconostase zitten gewoonlijk 3 deuren. De middelste deur, de Heilige  Poort is het mooist. Hij wordt alleen tijdens feestdagen geopend. Boven die deur is vaak het Laatste Avondmaal geschilderd.

In de meeste kerken hangt een icoon van Sint-Nicolaas, aangezien hij in de Byzantijnse kerktraditie een belangrijke heilige is. Op dezelfde rij hangen de Maagd Maria, Jezus Christus en de heilige waaraan de kerk gewijd is. Daarboven zijn de belangrijkste feestdagen van het orthodoxe christendom te zien, zoals de geboorte van Christus, de doop van Christus, de intocht in Jerusalem, de kruisiging, Hemelvaart en Pinksteren. Op de derde rij hangen de 12 apostelen en daarboven personen uit het Oude Testament.

Evangelische houten kerken

Een deel van de evangelische houten kerken in Slowakije is op een speciale manier gebouwd. De bouwmeesters moesten specifieke regels volgen, de zogenaamde Šopronwetten. Tijdens het regime van de Habsburgers werden niet-katholieken lange tijd onderdrukt. Ze mochten hun geloof niet belijden en geen kerken bouwen. Aan het einde van de 17e eeuw kwamen de protestanten hiertegen in opstand. Keizer Leopold I werd gedwongen godsdienstvrijheid toe te staan.

In 1681 stelde hij de Šopronwetten op waaraan de evangelisten zich moesten houden. Ze mochten 38 kerken bouwen, volgens strenge regels. De kerken moesten buiten de dorpskern of stadsmuur gebouwd worden, zonder fundamenten, er mochten geen metalen voorwerpen gebruikt worden, dus ook geen spijkers en de kerken mochten geen klokken of toren hebben. De meeste van deze kerken hadden een grondvlak in de vorm van een Grieks kruis. Veel van de kerken hebben volgens de evangelische traditie een galerij rondom, op de eerste verdieping. Van de 38 kerken die op deze manier gebouwd werden, zijn er nog 5 over.