De Arabieren

Na de invasie en verovering door de Arabieren kreeg Sicilië haar welvaart en oude luister terug. De Arabieren, die al in bezit waren van de Noord-Afrikaanse kust en Spanje, beschouwden Sicilië als een belangrijk strategisch bolwerk en springplank voor verdere veroveringen naar het noorden toe, maar ook van groot belang voor de bescherming van de handelsroutes.

In 827 landde een Arabische vloot bij Mazara del Vallo. Na langdurige gevechten werd de verovering voltooid met de inname van Taormina in 902. Palermo, veroverd in 831, werd de nieuwe hoofdstad van een half-zelfstandig emiraat van het Moslimrijk, tussen 947 en 1040 geregeerd door de Kalbidi-dynastie. De handel bloeide weer en de welvaart steeg, door nieuwe bevloeiingsmethoden en nieuw ingevoerde gewassen. Het grootgrondbezit werd opgedeeld en aan Berber-kolonisten gegeven. Palermo beleefde een enorme uitbreiding en in de kuststeden vestigden zich oosterse, joodse, Griekse, Amalfitaanse en Genuese kooplieden.