De Etna

De vulkaan Etna, de grootste vulkaan van Europa
De vulkaan Etna, de grootste vulkaan van Europa, met dank aan NASA

De Etna is Europa’s grootste en hoogste vulkaan, met een omtrek van 140 km, een oppervlakte van 1.400 km2 en een top van wisselende hoogte, thans circa 3.370 m. Behalve de hoofdkrater zijn er ongeveer 270 kleinere kraters. Het regenwater zakt in de tufsteen en komt elders als bronnen weer boven. Met de vruchtbare grond van de verweerde lava is dit de oorzaak van intensieve land- en tuinbouw op de hellingen.

De Grieken kenden de mythe van Typhon en Enkelados, die in de strijd tussen de giganten in de oertijd levend werden begraven onder de vulkaan. Hier was ook de toegang tot de Onderwereld, waar de god Hades heerste. Zij noemden de berg Aitne. De Siciliërs gebruiken ook een combinatie van het Italiaanse Monte en het Arabische Djebel in de naam Mongibello (berg der bergen).

De mineraalrijke bodem is bijzonder vruchtbaar. De diverse vegetatiezones lopen in cirkels om de berg. Aan de voet zijn citrusplantages in de Alcàntaravallei in het N en bij Paternò in het zuiden, perziken bij Fiumefreddo en artisjokken bij Motta Sant’Anastasia. Tussen 500 en 1300 m is olijf-, fruit- en wijnbouw. Tussen 1300 en 2000 m zijn loof- en naaldbomen, daarboven struikgewas. Boven 2500 m is er geen plantengroei meer; het ligt het halve jaar onder de sneeuw. In 1981 werd het gebied tot Nationaal Park. De Etna heeft dikwijls rampzalige erupties gekend. Zo werd Catania in 122 v.C. verwoest en nogmaals in 1669. Een rit met de Etna-spoorweg, de Circumetnea, biedt een boeiend beeld van het landschap rondom de vulkaan. De route beslaat 110 km en de rit duurt 3 uur. Het vertrekpunt is het station van Giarre-Riposto; de rit gaat langs Lingua glossa, Randazzo, Bronte en Paternò en eindigt in Catania. De bestijging van de Etna is één van de meest indrukwekkende ervaringen van een Sicilië-reis. Men moet wel verdacht zijn op een harde, ijskoude wind bij de top, ook ’s zomers. Van het zuiden begint men bij Nicolosi, waar de Alpenclub CAI een bureau heeft. De Grande Albergo Etna op 1715 m heeft goede wintersportfaciliteiten. Hoger ligt de berghut Rifugio Sapienza op 1935 m. Van hier gaat de kabelbaan naar de Rifugio Montagnola op 2608 m. Bij goed weer gaan mini-bussen naar Piano del Lago op 2915 m en tenslotte, zo mogelijk, naar Torre del Filosofo op 2918 m, bij de hoofdkrater. Een andere bestijging gaat langs de oostelijke helling, van Zaffrana Etnea langs Rifugio Gino Menza op 1685 m. Een derde mogelijkheid is van Milo Fornazzo aan de noordoost helling via Rifugio Citelli op 1740 m.

Zeus en de Giganten

Toen Zeus de regering in handen had gekregen koos hij zijn zuster Hera tot vrouw. Bij loting kreeg ieder van de broeders een deel van de heerschappij: Zeus die over de hemel, Poseidon werd beheerser van de zee, Hades de vorst van de onderwereld. Maar Gaia, ontstemd over de opsluiting der Titanen, zette nu de Giganten op tot strijd tegen de goden. Met forse kracht wierpen zij grote rotsblokken tegen de hemel: de goden echter spotten met hun geweld, de stenen rolden, zonder uitwerking, terug en geen berg was hoog genoeg om van daaruit een bestorming te kunnen ondernemen. Toen scheurden de reuzen de Thessalische berg Pelion uit de grond en wentelden die boven op de berg Ossa. Tevergeefs echter; Zeus slingerde een geduchte bliksem tegen de berg, zodat hij kantelde en naar beneden rolde. Daarop stormden de goden, onder vervaarlijk krijgsgeschreeuw, van de Olympus af en begonnen een gevecht. De Giganten waren zeer sterk en de slag duurde een gehele dag; eindelijk werden zij overwonnen en gevangen genomen.

Om ze nu goed in bedwang te houden, werd op iedere Gigant een zwaar rotsblok gewenteld, zó, dat ze niet meer aan opstaan konden denken. Eén der reuzen trachtte over zee te ontvluchten. Maar de dochter van Zeus, de krijgshaftige Athene, die ook een groot aandeel aan de strijd had genomen, bemerkte die poging, scheurde een ontzaglijk driehoekig stuk land los en wierp dat de vluchteling achterna. De worp was raak en de Gigant werd midden in zee onder de aarde bedolven. De aarde zelf bleef daar liggen, droeg langzamerhand bossen en steden en heet tegenwoordig Sicilië. Soms roeren de Giganten zich nog onder hun last en trachten die van zich af te schudden: dan wordt door de mensen een aardbeving gevoeld. En als zij in hun ongeduld erg driftig worden, blaast hun vurige adem door de rotsblokken heen en werpen zij gesmolten erts en stenen uit.