Omgeving van Pisa

Buiten de stad, 5 km naar het westen staat de Romaanse San Piero a Grado, op de kade van de vroegere haven. Volgens de legende zette de apostel Petrus in 44 hier voet aan wal, toen hij uit Antiochië kwam. Het 11e-eeuwse gebouw van goudgele steen heeft geen façade, maar aan beide kanten een halfronde apsis. De toren is in 1944 verwoest. Binnen vertonen 14e-eeuwse fresco’s scènes uit het leven van Petrus en Paulus, vermoedelijk van de uit Lucca afkomstige Orlandi.

Aan de kust liggen de badplaatsen Marina di Pisa, aan de monding van de Arno, met grote jachthaven, en Tirrenia, een levendig oord met verzorgde stranden en pijnbossen.

Ten noorden van de Arno ligt achter de kust het Parco Naturale Tenuta di San Rossore, een landgoed, ooit van De’ Medici, later van de Italiaanse koningen. Het heeft 3000 ha gemengde bossen en een villa met tuinen. Het is ten dele geopend, op zon- en feestdagen van 8.30-19.30, ’s winters tot 17.30 uur. Ingang bij Cascine Vecchie, 6 km ten westen van Pisa.

Certosa di Pisa, op 12 km ten oosten van Pisa, is een mooie groep 17e- en 18e-eeuwse gebouwen met een barok-kerk, en een 15e-eeuwse kleine kloostergang en een classicistische kloostergang met een opmerkelijke fontein.

Livorno

Livorno (175.000 inwoners) is de hoofdstad van de gelijknamige provincie, die zich langs de kust van de Tyrrheense Zee uitstrekt tot Piombino, een kust die men ‘Riviera degli Etruschi’ noemt. Livorno is een grote havenstad, die na de verwoestingen in de Tweede Wereldoorlog goeddeels vernieuwd is. Er is zware industrie en aanzienlijke visserij en visverwerking. Toen in de 16e eeuw de haven van Pisa verzandde, kwam Livorno, dat eerst slechts een kleine versterking aan zee was, tijdens Cosimo I de’ Medici tot ontwikkeling. Er werd een haven aangelegd en een door water omgeven vijfhoekige plattegrond met een Fortezza. Als vrijstad trok Livorno veel vreemdelingen en vervolgden aan: joden, protestanten, zelfs Turkse piraten. In de 17e eeuw werd de stad ommuurd en er ontstond een nieuwe wijk, Venezia Nuova, met grachten als in Amsterdam. Er is veel containervervoer en van hieruit vertrekken veerboten naar Sardinië en Corsica.

De sfeerloze stad heeft wel enkele bezienswaardigheden, zoals de Fortezza Nuova uit 1590 en het standbeeld voor Ferdinand I, bijgenaamd ‘Quattro Mori’, naar de vier in ketenen geslagen Moren op de hoeken van de sokkel, een beeldengroep van Pietro Tacca uit 1626. Dit beeld staat aan de Porto Mediceo.

Bij het Piazza Matteotti ligt een groot park, waarin de Villa Fabbricotti, met op de verdieping de belangrijke Biblioteca Labronica. Dichter naar de kust staat de Villa Mimbelli aan de Via S.Jacopo in Acquaviva, met daarin het Museo Civico ‘G. Fattori’ (Openingstijden variabel, tel. (058) 6808001). Het bevat werk van de contemporaine schilder Giovanni Fat¬ tori en verder van de ‘’macchiaioli’’ (impressionisten), zoals Signorini, Lega en anderen en een jeugdwerk van Modigliani.

Op een uitstekend punt in zee staat het Aquario comunale (open: 9.30-12.30, mrt.-sept. ook 16-19, nov.-jan. ook 14.30-17.30, feb.-okt. ook 15-18 uur). Annex is een marien-biologisch instituut. In juni en juli vinden er roeifeesten plaats, o.a. de ‘Palio Marinaro’ vóór de kust.

De visgerechten uit Livorno zijn befaamd, zoals de ‘cacciuccio’, een vissoep, en ‘triglie alla Livornese’, zeebaars in tomatensaus.

Langs de kust liggen aardige badplaatsen, zoals de wat zuidelijker gelegen Marina di Cecina, tussen Castiglioncello en San Vicenzo.