Villa's en tuinen van de' Medici

Villa di Castello van de Medici
Villa di Castello van de Medici, ©Gryffindor

In anderhalve eeuw werden tijdens de Renaissance diverse types villa's gebouwd. Een deel daarvan dateerde al uit de late middeleeuwen (14e eeuw) en werd in de tweede helft van de 15e eeuw ingrijpend verbouwd en aangepast aan de stijl van de Renaissance. Een tweede reeks villa's werd eind 15e/begin 16e eeuw gebouwd. Een derde reeks, reconstructies van 15e-eeuwse villa's, ontstond in de 16e eeuw.

De oudste villa's van De' Medici werden voor Cosimo de' Medici, midden 15e eeuw, gebouwd door Michelozzo, of liever verbouwd, want het waren middeleeuwse vestingen geweest, die nu tot lusthoven werden omgevormd. Zij liggen op heuvels tussen het groen en zijn omringd door tuinen met bronnen en fonteinen, beelden en grotten.

De Villa di Careggi is versierd met arcaden en heeft een vooruitstekend dak met kantelen. 

De Villa di Cafaggiolo heeft duidelijk de vorm van een vesting behouden, met voormuren en twee torens met duiventillen. Opvallend zijn de middeleeuwse wachttorens.

De Villa Il Trebbio heeft een eenvoudige vierkante toren en ligt op een heuvel tussen agrarische gebouwen. Tijdens Cosimo I (1389-1464) werd de villa door de elite beschouwd als uiting van het humanistische ideaal van de verheerlijking van het landleven, in de geest van de klassieke auteurs, zoals Seneca, Plinius en Martialis. In de tweede helft van de 15e eeuw was het Alberti, die uitgebreid schreef over vorm en functie van het landhuis. De keuze van de bouwplaats is heel belangrijk: geografische en klimatologische factoren spelen een rol. Een waterrijke plek in de luwte van een helling, op redelijke afstand van de stedelijke residentie van de landeigenaar is gewenst. Alberti geeft ook de ideale indeling van het huis aan. Voor de hoofdingang moet ruimte zijn voor wedstrijden te paard. Om de villa komen wandelpaden en plaatsen waar de familie 's zomers onder het koele lover kan vertoeven.

Midden in de villa bevindt zich de hof, het atrium, waar alle vertrekken omheen gegroepeerd zijn. De heuvels rondom beschermen tegen koude winden.

Er is een zomereetzaal en een wintereetzaal; de eerste ziet uit op water en groen, de laatste is voorzien van een ruim haardvuur. De keuken moet niet te ver van de eetzalen gelegen zijn, opdat de spijzen niet koud binnenkomen, maar ook niet te nabij, om niet gestoord te worden door gerammel met eetgerei.

Ook de slaapkamers zijn onderscheiden in zomer- en winterkamers.

De heer des huizes en zijn echtgenote hebben aparte slaapkamers, 'opdat de vrouw bij het baren of bij ziekte de man niet stoort'. Wel zijn de kamers der echtgenoten verbonden door een tussendeur, waardoor men elkaar ongezien kan bezoeken. Naast de slaapkamer van mevrouw is de kleedkamer, naast die van mijnheer de bibliotheek. Voorts zijn er vertrekken voor de kinderen en voor het personeel. Geleid bezoek voor groepen op aanvraag, 9(055) 8458793; dit geldt zowel voor Il Trebbio als voor Carreggi.

Lorenzo de' Medici en Poliziano kwamen geregeld met dichters bijeen in de Platoonse Academie, die in de Villa di Careggi was gesticht. Lorenzo liet hier een botanische tuin aanleggen, die een van de vermaardste van Europa werd. Hier werd het humanistische ideaal van contemplatie en ontspanning bereikt. Vr van de stad bestudeerde men de leer van de klassieke filosofen. Behalve in Careggi kwam Lorenzo ook graag in de Villa Poggio a Caiano**, niet ver van Florence aan de weg naar Pistoia. Deze villa werd in 1485 onder leiding van Lorenzo door Giuliano da Sangallo gebouwd. Nog voor de voltooiing in 1492 stierf Lorenzo. Toen diens zoon Giovanni in 1513 tot paus werd benoemd liet hij de villa afbouwen met fresco's van Giovo, die gebeurtenissen uit de Romeinse geschiedenis verbeelden en allegoriën over De' Medici. Ook zijn hier fresco's van Pontormo. Sangallo volgde niet de architectuur van Michelozzo, maar koos voor de strenge lijnen van Brunelleschi. Hierdoor was de villa niet langer, zoals een middeleeuws kasteel, om een hof gebouwd, maar bestaat uit twee symmetrische vleugels. Het complex ligt harmonisch in het landschap. De faade is versierd met keramische mozaïeken. Duidelijk is de invloed van de klassieke bouwstijl. In de tuinaanleg herkent men de mystiek van de natuur. Het labyrint verwijst naar het zoekende in de mens; fonteinen symboliseren de reiniging voor het zoeken van de waarheid. Bij de villa behoort een boerderij, om zoveel mogelijk zelfvoorzienend te zijn in geval van nood. Door middel van de tuin zocht de mens verbinding tussen de bloeiende natuur en de herschepping daarvan tot cultuur. In de tuin moesten de oerelementen water, vuur, lucht en aarde aanwezig zijn. De villa is geopend van di.-zo. 9-13.30 uur, de tuinen di.-zo. in het voorjaar 9-17.30 uur, in de zomer tot 18.30 uur, en in de winter tot 16.30 uur.

De Villa di Castello*, ten noordwesten van Florence tegen de berg Morello, La Petraia in diezelfde omgeving en het Palazzo Pitti werden tijdens Cosimo I verbouwd, nieuw was de Villa di Serravezza in Versilia aan de Tyrrheense Zee.

De Villa di Castello werd van 1537 af door Tribolo herbouwd, voortgezet door Vasari en in 1592 voltooid door Buontalenti. De faade ligt op het zuiden; van hier heeft men een prachtig uitzicht over weiden met vijvers tot aan de Arno. Opzij ligt de 'geheime tuin', van waar men via een poort in een boomgaard komt en vervolgens in een dennenbos. De tuin is achter de villa gelegen, tegen de helling. In het midden een labyrint van cipressen en laurieren, omringd door buxusperken. Midden in het labyrint staat een fontein van Tribolo. De tuin van de Villa di Castello symboliseert door de beelden, fonteinen, grotten en hydraulica de krachten der natuur, de deugd en de vrije kunsten, de jaargetijden en het Toscaanse landschap. Duidelijk is ook de allegorische verwijzing naar De' Medici. De weg door de tuin lijkt een weg door de mythologie. De grote fontein van Hercules (= Cosimo) van marmer en brons verbeeldt de vijandige krachten in de natuur. Het labyrint stelt de dwaaltocht van de zoekende mens voor. Aan de fontein van Hercules hebben Tribolo, Pierino da Vinci, Lenzi en Ammanati gewerkt, aan de fontein 'Florence', midden in het labyrint, Tribolo en P. da Vinci. 'Florence' als Venus, overwint de menselijke dwalingen. Na de fontein komt men bij de grote vijver met een beeld van Neptunus door Ammanati. Dan komt men bij de fontein 'Asinaio en Falterona', welke bestaat uit een driedelige grot, door Tribolo en Giambologna. Hier wordt de sage van Orpheus en de schepping der dieren verbeeld. De grot verbeeldt de duisternis en het onbewuste. Hier heerst Orpheus (Cosimo) met de eenhoorn, als verwijzing naar de levensgeest, die de harmonie in de natuur herstelt. Met al deze functies wilde Cosimo zichzelf en zijn macht verheerlijken. De villa is geopend di.-zo. 9-13.30 uur, de tuinen 9-16.30 uur, in het voorjaar tot 17.30 uur, 's zomers tot 19.30 uur.

De Villa della Petraia*, op de helling van de Monte Morello, lag boven de Villa di Castello. Beide landgoederen zijn door een brede laan verbonden. La Petraia, eerst bezit van de families Brunelleschi en Strozzi, werd in 1532 door De' Medici in beslag genomen. Het oude, 14e-eeuwse slot werd door Buontalenti tussen 1575 en 1590 tot villa verbouwd. Alleen de grootste toren bleef als uitzichttoren bewaard. De reconstructie na 1630 werd door Parigi geleid. De tuin, naar ontwerp van Tribolo, heeft fonteinen, beelden en vijvers. Beroemd is Tribolo's fontein. Giambologna maakte de fontein met 'Venus die haar haar uitwringt'. Het middelpunt van de villa is de met fresco's versierde binnenhof. Veel fresco's verraden maniëristische en barokke invloeden. Toen in de 19e eeuw Florence tijdelijk de hoofdstad van Italië werd, kreeg de villa de functie van residentie van het Huis Savoye en werd voorzien van kostbaar meubilair, dat nog in de villa te bewonderen is. De openingstijden zijn dezelfde als bij de Villa di Castello.

De Villa di Serravezza, aan zee gelegen, werd in opdracht van Cosimo door Ammanati gebouwd. Behalve als lustoord was het ook de plek van waar men het werk in de nabijgelegen marmer- en zilvermijnen kon controleren. Helaas is deze villa niet te bezichtigen.

Het Palazzo Pitti in Florence, door Cosimo's echtgenote, Eleonora van Toledo, gekocht van Luca Pitti, werd in 1549 door Ammanati verbouwd als hoofdresidentie voor De' Medici. Tribolo ontwierp de Bobolituinen er achter. De binnenplaats is aan drie zijden begrensd door gebouwen en aan de vierde zijde door een terras. De fontein van de artisjok (Fontana del Carciofo) is van Francesco del Tadda en Francesco Susini.

De Bobolituinen, naar Tribolo's ontwerp, werden aangelegd door del Tasso, later door Ammanati en ten slotte door Buontalenti; pas in de 17e eeuw werd de aanleg beëindigd. De Bobolituinen behoren tot de mooiste van Europa. Achter het Palazzo Pitti gelegen, reiken ze tot het Forte del Belvedere, dat Cosimo in 1544 door Buontalenti had laten bouwen. Eerst ziet men het beeld van de dwerg Barbino, de hofnar van Cosimo de' Medici, als vermaning om voorzichtig te zijn in dit magische oord. Dan bereikt men de grot met drie ruimten, de eerste met gipsafgietsels van de Slaven van Michelangelo, de tweede met fresco'a van Poccetti en beelden van del Tadda en Rossi met het thema 'liefde'; de derde met Giambologna's Venus. Van de hof voert een laan naar het amfitheater, het centrum van het park, met het beeld 'Abbondanza'. In het midden een beeld van Neptunus door Lorenzi, in een fontein. Een laan voert naar de fontein van de Oceaan van Giambologna, midden op het Isolotto (eiland) in de vijver. Open: van 9 uur tot een uur voor zonsondergang, jun.-sept. 9-19.30 uur, eerste en vierde maandag van de maand gesloten.

Onder Cosimo's opvolgers werden meer villa's gebouwd: Francesco I liet de villa's Pratolino, La Peggio, La Magia en Marignolle bouwen door Buontalenti.

De Villa di Pratolino werd een van de fraaiste, in maniëristische stijl gebouwde landhuizen, symmetrisch en gedecoreerd door Giambologna. Het heeft een feërieke tuin met veel mechanische snufjes. Essentieel element is de geheime tuin (hortus conclusus). De villa, in de 19e eeuw bezit van prins Demidoff, ligt 12 km ten noorden van Florence aan de S.65 en is geopend van mei tot en met september op do., vr.; za. en feestdagen 10-20 uur.

De beelden tussen grotten en fonteinen vormen oriëntatiepunten voor begrip van de symboliek. De fonteinen accentueren het water in de natuur, de grotten verwijzen naar het moederschap, het duistere en het irrationele. Het labyrint en het woud verbeelden het avontuurlijke van het leven. De mechanische werktuigen reproduceren de natuurlijke energie.

Landgoederen als La Peggia, La Magia en Marignolle vormen een harmonisch geheel met het landschap, waarbij de tuin niet meer belangrijk is als verbinding tussen die twee. Buontalenti wilde de ruimte accentueren door middel van de faade; hij benut de mogelijkheden van het terrein ten volle.

La Peggio (Lappeggi) ligt ten noorden van Florence aan de voet van de Monte Albano. Buontalenti verbouwde de middeleeuwse vesting in 1585.

Ferdinando I, groothertog van 1587 tot 1609, breidde het enorme bezit van De' Medici nog uit door de bouw van de villa's Montevettolini, Colle Salvetti en La Ferdinanda*. Hij liet de villa's La Petraia en Ambrogiana verbouwen.

Ambrogiana bij Montelupo heeft een tuin, waarbij mooi gebruik is gemaakt van de loop van de rivier.

De Villa di Montevettolini werd in 1595 gebouwd door Mechini op een bestaande rotspartij.

De Villa di Colle Salvetti ligt rustiek tussen agrarische landerijen.

De Villa La Ferdinanda door Buontalenti tussen 1594 en 1598 gebouwd, is een waar meesterwerk, gelegen tegen een heuvel op een plek met een prachtig panorama. Natuur en architectuur vormen bij deze villa een harmonisch geheel. De tuin als symbool was intussen verdwenen; de villa lag temidden van de ongerepte natuur. Deze villa, 9 km ten westen van Signa bij Florence, is op afspraak te bezoeken.

De Villa Poggio Imperiale, iets ten zuiden van Florence heeft de allure van een paleis. Het is prachtig ingericht en verkeert in uitstekende staat. Voor bezoek melde men zich bij de APT Firenze.