León

De kathedraal van León
De kathedraal van León

Nicaragua's universiteitsstad en culturele hart werd in 1524 door de Spaanse Francisco Hernández de Córdoba gesticht. Niet ver van de vulkaan Momotombo. Na verloop van tijd bleek de vulkanische activiteit niet zonder risico’s te zijn voor de jonge nederzetting. In 1610 verlieten de bewoners León en trokken haar 30 km verder nogmaals op. Direct naast de nieuwe locatie lag Sutiava, een inheemse gemeenschap. Volgens haar leden was niet alleen een onrustige Momotombo debet aan de verplaatsing. Ook speelde het verval van de stad en de welvaart van Sutiava een rol in deze beslissing.

León, van oudsher het intellectuele en progressieve centrum van het land, was al snel in een machtsstrijd verwikkeld met Granada. Deze stad was haar conservatieve en welvarende tegenpool. In perioden van liberaal bestuur fungeerde León als hoofdstad van het land. Zodra de conservatieven aan de macht waren, voerde Granada de boventoon. Aan deze situatie kwam een eind toen men, om de strijd een halt toe te roepen, het dorpje Managua in 1857 tot hoofdstad bombardeerde. Een ander moment in de geschiedenis waarop León zich opwierp als belangrijke bron van verandering, was de strijd van de Sandinisten tegen dictator Somoza. De Leónese universiteit gold toen als haard van revolutionaire ideeën.

De stad is nog steeds het bruisende, culturele centrum. Ze heeft een koloniale uitstraling en naast een imposante kathedraal nog meer centrale punten. Er zijn verschillende kerken met parken te vinden en tal van bezienswaardigheden bepalen het stadsbeeld.

Bezienswaardigheden

De overdekte mercado ligt links achter de kathedraal. Men verkoopt er voornamelijk huishoudelijke artikelen en levensmiddelen. Zoals gangbaar op dit soort markten, zijn er veel mogelijkheden voor een goedkope, warme maaltijd.

Het Casa de Cultura vind je door vanaf de kathedraal één blok noord en drie blokken westwaarts te lopen. Het is een sfeervol, koloniaal pand waar men permanent moderne kunst uit de jaren tachtig en negentig tentoonstelt. Schilderijen aan de muur geven inheemse taferelen, rituele festiviteiten en anti-imperialistische afbeeldingen weer; een afspiegeling van de visie van Nicaragua’s kunstenaars op traditie en geschiedenis. Verder geeft men dans- en muzieklessen en is hier de Leónese afdeling van de NSS (Nicaragua Spanish Schools) gevestigd. Er is ook een kleine bibliotheek. Ernaast ligt de bijbehorende bar waar men trendy muziek draait. Openingstijden: van maandag t/m vrijdag van 8.00 tot 12.00 en van 14.00 tot 16.00 uur.

De plek ter nagedachtenis aan León’s geliefde dichters Darío, Pallais, Cortés en De la Selva, heet el Parque Rubén Darío. Het meest opvallend is het standbeeld ten voeten uit van Darío. Ook staat er een boom, geplant door afgevaardigden van León en Hamburg, als gedenkteken voor de bevestiging van de zusterlijke stedenband. Naast Hamburg heeft León ook Utrecht als zusterstad. Vanaf de noordwesthoek van het grote plein één blok westwaarts.

Het Mausoleo de Héroes y Mártires ligt tegenover de kathedraal aan de noordkant van het plein. Het is een plaats om even stil te staan bij de revolutie en zijn anonieme gevallenen. Een groep kunstenaars uit León en Hamburg bracht hier tussen 1988 en 1990 een muurschildering aan. Het kunstwerk is in 1996 gerestaureerd en geeft in chronologische volgorde sporen uit de geschiedenis van Nicaragua weer. Die sporen monden uit in vrijheid en geluk voor nieuwe generaties. Aan de overkant toont de muurschildering rond een deuropening Sandino, zegevierend over Uncle Sam en de laatstheersende telg uit de Somozadynastie.

Ook is er La Galería de Héroes y Mártires als herinnering aan de overwegend jonge Leónese slachtoffers van de strijd tegen dictatuur en Contra’s. In kamers rond een patio hangen foto’s en zijn persoonlijke bezittingen tentoongesteld van deze jonge mensen. Zoals bij dit soort galerías in andere steden zijn het de moeders die de herinnering levend houden. Zij zijn altijd bereid hun verhaal te vertellen. De foto’s van veel slachtoffers ontbreken omdat de nabestaanden het land ontvluchtten of omdat die er eenvoudigweg niet zijn. Volgens een van de moeders zou van 75 procent geen foto aanwezig zijn. De galería ligt naast een klinisch lab twee blokken ten westen van het Parque Central.

Het Teatro Municipal ‘José de la Cruz Mena’ is een opvallend gebouw in het straatbeeld. Het werd in 1885 gebouwd als Nicaragua’s eerste theater en was een cultureel brandpunt. In 1956 ging het bijna geheel in vlammen op. Men heeft met de restanten een fraaie combinatie van neobarokke en -klassieke architectuur kunnen reconstrueren. Buiten staat aangegeven wat het weekprogramma is. Vanaf de zuidwesthoek van het plein één blok west, één blok zuid.

De inheemse wijk Sutiava heeft een status aparte in León. Ondanks dat deze ‘barrio’ onder het bestuur van León valt heeft het ook een eigen leiding. Hiermee proberen de Sutiava hun identiteit te bewaren. Deze strijd begon al op het moment dat de Spanjaarden León naast het toen nog zelfstandige Sutiava vestigden.

In deze wijk liggen de ruïnes van de koloniale kerken Santiago en Veracruz die dateren uit de zestiende eeuw. Santiago ligt verscholen achter een erf, tussen tuinen en je moet daarvoor eerst een metalen hek van zijn plaats tillen. Er staat een klein bordje voor. De ruïne ligt voor een deel onder de grond maar een muur en een klokkentoren staan nog overeind. Die klokkentoren kun je beklimmen. Vandaaruit heb je een mooi uitzicht op de omliggende tuinen en het alledaagse leven dat zich daar afspeelt. Vanaf de noordoosthoek van het plein voor de Iglesia San Juan Bautista (zie Kerken) één blok oost, in het tweede blok noord. De Veracruz-ruïne ligt vanaf de zuidwesthoek van dit plein aan het einde van het eerste blok westwaarts. Steek het erf over van de woning op de hoek. Dit was de eerste parochie van Sutiava en ze stortte in tijdens de eruptie van vulkaan Cosigüina in 1835. Enkele muren staan nog overeind en het geheel is voor een deel met grassen begroeid. De contouren zijn nog goed te zien.

El Tamarindón is de zeshonderd jaar oude Tamarindeboom die zo ongeveer midden in de straat van een woonwijk staat. De boom geldt als een eerbetoon aan de cacique Adiact, het hoofd van de inheemse gemeenschap in de tijd van de kolonisatie. Hij stierf in 1614 óf doordat hij zich van het leven beroofde door zich op te hangen aan de boom óf door toedoen van Spanjaarden die hem daarbij een handje hielpen. Ook over de reden doen verschillende verhalen de ronde. Hij zou uit schaamte tot deze daad gebracht zijn omdat zijn dochter zich inliet met een Spanjaard. Maar de meest gangbare versie is natuurlijk dat hij weigerde zich over te geven aan de brute kolonisatoren. De boom met het turbulente verleden is te vinden door vanaf de zuidwesthoek van het plein drie blokken zuid en twee blokken west te lopen.

Ben je van plan een bezoek aan Sutiava te brengen, begin daar dan met het museum Adiact. De tentoonstelling geeft een goed beeld van het bijzondere karakter van de wijk. Ook het Museo de Arte Sacro, met een collectie religieuze kunst, is de moeite waard (zie musea).