San Juan del Sur

Mooie stranden langs de uitgestrekte kust
Mooie stranden langs de uitgestrekte kust

De havenstad San Juan del Sur ligt aan de rand van een baai met aan weerszijden indrukwekkende kliffen. Een van die kliffen heeft aan de ingang van de baai een natuurlijke rotsformatie. Deze staat bekend als Cara de Indio, het gezicht van de indiaan. Als je over het water uitkijkt valt je oog het eerst op de overweldigende hoeveelheid boten die voor de kust ligt.

Tussen San Juan del Sur en Ostional zijn inheemse begraafplaatsen gevonden. Doordat de overheid de graven niet beschermde, zijn ze geplunderd en daarmee is kennis over lang vervlogen tijden verloren gegaan.

De Spaanse Andrés Niño ontdekte de haven van San Juan in 1522. Hij zocht naar een waterweg tussen de Pacifische en de Atlanti-sche Oceaan. De kolonisators gaven de naam het achtervoegsel ‘del Sur’, ‘van het zuiden’, om de plaats van haar naamgenoot San Juan del Norte te onderscheiden. Dat was dus niet omdat dit laatste plaatsje noordelijker gelegen is; het ligt zelfs meer naar het zuiden. Hierna heeft de stad nog een reeks namen gehad. En dat heeft alles te maken met haar geschiedenis die onlosmakelijk verbonden is met de haven. Die haven kreeg in 1827 de officiële status Haven van Nicaragua. In 1830 werd het Haven van Onafhankelijkheid. Vanwege de rechten als in- en uitvoerhaven die San Juan in 1840 kreeg, veranderde de naam in San Juan van het Verdrag. Toen de plaats in 1851 in de stadsstand verheven werd, noemde men haven en stad Ciudad Pineda. Vanaf dat moment was de haven ook het officiële vertrekpunt van een laatste traject. Tijdens de goudkoorts stapten gelukzoekers hier op de boot naar Californïe na een lange tocht vanaf de oostkant van het continent. Een paar jaar later fungeerde San Juan ook om een andere reden als knooppunt. Vrijbuiter William Walker en zijn mannen vielen hier het land binnen of sloegen hiervandaan op de vlucht.

Het huidige San Juan heeft 17.000 inwoners en de voornaamste bron van inkomsten is, naast landbouw en visserij, het toerisme. Dat cruiseschepen de haven in de eerste en laatste vier maanden van het jaar aandoen, speelt hierin een voorname rol.

Het is een gezellige, relaxte en internationaal georiënteerde badplaats. Het heeft een breed strand aan de baai. Backpackers en surfers doen het stadje veelvuldig aan en men is hier duidelijk ingesteld op Noord-Amerikaanse gasten. De prijzen liggen dan ook hoger dan gemiddeld.

Het patroonsfeest van San Juan del Sur is op 24 juni en 16 juli viert de stad het feest van de heilige maagd Carmen. Zij is de be-schermheilige van de vissers. Men herdenkt deze dag ook de vissers die zijn omgekomen tijdens de uitoefening van hun beroep.

Bezienswaardigheden

Langs de uitgestrekte kust liggen veel, grotendeels verlaten, stranden. Vanuit San Juan is er een aantal goed bereikbaar. Naar het noorden zijn dat Marsella, Maderas en Majagual en in zuidelijke richting El Remanso, El Yanke, El Coco, La Flor en El Ostional.

Bij La Flor ligt het gelijknamige wildreservaat dat bekendstaat als de legplaats van twee soorten zeeschildpadden: de Paslama en de Tora, die schilden kunnen hebben met een doorsnede van twee meter. In het legseizoen komen de schildpadden ’s nachts massaal het strand op om hun eieren te leggen en te begraven. Er wordt gesproken van nachten met een bezoek van wel 3000 dieren.

Playa Maderas, tien kilometer ten noorden van San Juan, en de stranden El Remanso en El Yanke, zijn in juni en juli vanwege de hoge golven favoriete plaatsen voor surfers.

De markt is van het Nicaraguaanse soort maar beduidend schoner en ordelijker dan in veel andere plaatsen. In het tweede blok noordwaarts vanaf het plein. Hiervandaan vertrekken ook de bussen. Surfshops vind je hier op verschillende plaatsen. ‘Agua Caliente’, voor surfboardverhuur (C150 per dag) en surfles ($30 per dag), ligt in het tweede blok noordwaarts, rechts, vanaf de noordwesthoek van het plein.