Reinheimen nationaal park

Door het Ottadal slingert rijksweg 55 omhoog langs de woestkolkende en diepblauwe Ottarivier tot de weg geleidelijk boven het bos uitkomt in de omgeving van Grotli en het landschap kaal en desolaat wordt. Op de Ottarivier worden van mei tot oktober door Heidal Rafting bij Sjoa (10 km ten noorden van Otta) diverse raftingtrips georganiseerd. Rafting is hier spannender en mooier dan bij Hemsedal.

De bovenloop van het Ottadal en de bergen aan weerszijden ervan horen tot de kerkgemeente Skjåk, een droog gebied met een relatief warm klimaat. In Skjåk valt de minste neerslag in Noorwegen, jaarlijks gemiddeld slechts 276 mm!

Een groot gebied tussen het Ottadal, het noordelijke Gudbrandsdal en het Romsdal (een vierkant met de hoekpunten Lom, Geiranger, Åndelsnes en Dombås) is beschermd in het Reinheimen nationaal park. Het is een van de grootste onbedorven natuurgebieden van Zuid-Noorwegen, een belangrijk gebied voor de wilde rendieren die in het voorjaar hierheen trekken om te kalven. Wie Reinheimen wil verkennen doet er goed aan een tent mee te nemen, want het gebied is maar spaarzaam voorzien van hutten. Een onverhard weggetje, Aursjøvegen, voert van Bismo (10 km ten westen van Lom) naar het bergmeer Aursjøen. Vanaf een parkeerplaats start hier een rondwandeling langs dammen, meertjes en irrigatiekanalen (5 ½ km, 2 uur). Een langere tocht voert ver het nationale park Reinheimen in naar de onbemande berghut Sveinbu.

Bij Grotli takt weg 258 af van de hoofdweg door het Ottadal: het is de oude pasweg via de Strynefjellet naar Stryn (’s winters gesloten, zie Stryn). Vijftien kilometer voorbij Grotli is nog een splitsing: de nieuwe weg 15 gaat hier linksaf via tunnels door de bergen naar Stryn. Wie niet naar Stryn afslaat volgt weg 63, die voorbij Djupvasshytta spectaculair afdaalt naar de Geirangerfjord.