Aan St. Anns Bay in Cape Breton in Nova Scotia

Op deze pagina enkele bezienswaardigheden aan de oostkust van de westelijke helft van Cape Breton in de Canadese provincie Nova Scotia inclusief de oevers van St. Anns Bay.

Ingonish

De oostelijke in/uitgang van Cape Breton Highlands National Park bij Ingonish heeft gezorgd voor flink wat toeristische activiteiten in deze streek. Er zijn heel wat overnachtingsmogelijkheden en diverse bootexploitanten houden tussen begin juni en eind september walvis- en diepzeevisexcursies op de Atlantische Oceaan.

Ingonish Ferry

Smokey Mountain

Ten zuiden van Ingonish ligt een relatief hoog voorgebergte. Dat strekt zich uit tot voorbij Cape Smokey en Ingonish Ferry. In de winter zijn hier skiafdalingen die tot de langste van Nova Scotia behoren. Ook zijn er enkele routes door sterk heuvelachtig gebied en langs de kust. In de winter zijn die om te langlaufen, in de zomer om te wandelen. Kabelbanen gaan naar boven. De top van Smokey Mountain is een beschermd natuurgebied met uitkijkplaatsen. Bij goed weer zijn hier vandaan vaak walvissen voor de kust te zien en soms Amerikaanse zeearenden in de lucht. Het is een provinciaal park dat open is van half mei tot half oktober. De toegang is aan de Cabot Trail bij Ingonish Ferry.

Englishtown

Veerboot

Vanuit St. Anns gezien aan de overkant van St. Anns Harbour ligt het dorp Englishtown. Dat is per kabelveer bereikbaar vanuit Jersey Cove aan Route 312, een zijweg van de Cabot Trail ten noorden van St. Ann’s. De boot vaart dag en nacht. De overtocht duurt nauwelijks tien minuten.

Giant MacAskill Museum

Aan het vervolg van Route 312 in Englishtown staat het Giant MacAskill Museum. Dat is voor een belangrijk deel gewijd aan de reus Angus MacAskill. Deze in 1825 geboren Schot emigreerde met zijn familie naar St. Ann’s. Daar bleef hij maar doorgroeien, zowel in lengte als in kracht. Uiteindelijk werd hij bijna 2,40 meter lang en woog hij 193 kilogram. Tussen 1848 en 1854 toerde hij met het rariteitencircus van P.T. Barnum rond in Noord- en Midden-Amerika. Van het geld dat hij daarmee verdiende, kocht hij in St. Ann’s enkele boerderijen. Hij bleef daar tot hij in 1863 overleed. Onder meer zijn aangepaste meubilair is in dit museum te bekijken evenals enkele van zijn kledingstukken en tal van door hem gebruikte voorwerpen. Ook zijn er displays over de historie van deze regio vanaf circa 1800. Open van half juni tot half september.

Bird Islands

In de monding van St. Anns Bay ligt de eilandengroep Bird Islands. Vanuit Englishtown worden daar boottochten naar toe gemaakt om te gaan kijken naar grote kolonies papegaaiduikers. Het is niet ongewoon onderweg zeehonden en Amerikaanse zeearenden te zien en tal van andere soorten vogels. Een en ander is wel afhankelijk van het jaargetijde. Gevaren wordt van half mei tot half oktober. Zie ook de pagina over St. Andrews Channel, bij Big Bras d’Or.

South Gut St. Anns

Great Hall of the Clans

Een belangrijk centrum van Gaelische en Keltische muziek is St. Anns. Dat dorp ligt aan St. Anns Harbour, het laatste stuk van St. Anns Bay en dat is een inham aan de Atlantische Oceaan. Hier is aan 51779 Cabot Trail (feitelijk in South Gut St. Anns) het museum Great Hall of the Clans gevestigd met exposities over de Schotse historie en cultuur sinds begin negentiende eeuw. Ook zijn er displays over de Keltische cultuur in veel oudere tijden, Schotse kleding, Schotse familiegroepen en verhalen uit de Schotse hooglanden. Het museum is onderdeel van het Gaelic College of Celtic Arts and Crafts, waar Gaelische en Keltische taal en cultuur onderwezen worden inclusief dansen en doedelzakmuziek. Van begin juni tot eind augustus is het museum dagelijks open en in september alleen op werkdagen. In de zomer staat voor het college vaak een doedelzakstudent te spelen.

Bestemmingen in de omgeving van Aan St. Anns Bay in Cape Breton in Nova Scotia