Zuidwestkust van Cape Breton in Nova Scotia

Toen Schotse kolonisten in de tegenwoordige Canadese provincie Nova Scotia aankwamen op wat nu Cape Breton Island heet, deed het landschap hen denken aan hun thuisland: hooglanden met niet al te hoge pieken, bossen en grasvlaktes tegen bergflanken die soms recht uit de zee opstijgen, en veel water. Ongetwijfeld zal heimwee na de lange vaartocht debet zijn geweest aan de beelden die de aanblik van het nieuwe land opriepen. Over dat Cape Breton gaan deze pagina's.

Canso Causeway

Cape Breton is eigenlijk een complex van eilanden die door bruggen, smalle landengtes en dammen met elkaar zijn verbonden. Toegang gaat alleen via een dam met een brug over de Strait of Canso. Deze 'Canso Causeway' wordt ’s? werelds diepste dam met een auto- en spoorweg genoemd. Op sommige plaatsen gaat hij 66 meter naar beneden voor de bodem van de zeestraat wordt bereikt. De voet van de bijna anderhalve kilometer lange dam is meer dan 260 meter breed. Voor de scheepvaart is een sluis gebouwd waar overheen een draaibrug hangt. Canso is een Mi’kmaq-woord dat zoiets als ‘tegenover de torenhoge steile rots’ betekent. De eerste aanblik vanaf het vasteland is dan ook een heuvelwand die uit het water oprijst.

De beschrijving van de bezienswaardigheden begint in het zuiden bij de Canso-dam en gaat dan met de klok mee dit eilandencomplex rond. Daarvoor zijn dertien website-pagina's gebruikt. De noordwestelijke punt van Cape Breton is het meest woest en het rijkst aan natuur. In het oostelijke deel zijn vooral herinneringen aan oorlogszuchtiger tijden en de winning van steenkool die opvallen. Tussen deze twee regio’s zijn uitgestrekte meren waar arenden en uitvinder Alexander Graham Bell de aandacht opeisen. Overal zul je Schotse en Keltische muziek tegenkomen. ’s ?Avonds zijn in de pubs en cafés ‘ceilidhs’ (uitgesproken als kee-lies) waar doedelzakspelers, vioolspelers, gitaristen en lepeltrommelaars er een gezellige avond van maken.

Ceilidh Coastal Trail

Vanaf de dam loopt westwaarts naar het verderop gelegen Judique de Ceilidh Coastal Trail. Dat is een traject van zo’n dertig kilometer over een voormalige spoorbaan en bedoeld om te lopen, te fietsen of te langlaufen. Hij komt langs een aantal beverplassen en er zijn aardige uitzichten op St. Georges Bay. Die ligt tussen de Strait of Canso en de Northumberland Strait. Meer informatie daarover bij het provinciale toeristenbureau bij de dam aan 96 Highway 4 (open van eind april tot begin januari).

Judique

Celtic Music Interpretive Centre

Vanaf de Canso Causeway naar links ga je langs de kust van de St. Georges Bay westwaarts. Je komt dan in Judique. De Keltische, Ierse en Schotse muziek staan centraal in het Celtic Music Interpretive Centre aan 5473 Route 19 in Judique. Hier zijn onder andere opnames te horen, foto’s te bekijken en soms optredens mee te maken. Ook zijn er kilts en Schotse familiepatronen, een reuzenviool en displays over de historie van deze muziek. Open op werkdagen van begin juni tot eind september. In het dorp zijn op woensdagavonden in juli en augustus ceilidhs.

Henry Island/Port Hood Island

Vanuit het haventje van Judique worden bootexcursies gemaakt naar Henry Island en Port Hood Island. Beide liggen voor de kust bij de overgang van St. Georges Bay naar de Northumberland Strait. Onderweg is er een goede kans op het zien van walvissen, Amerikaanse zeearenden en aalscholvers. Op de eilanden kan eventueel een wandeltocht worden gemaakt. Afvaarten zijn tussen begin mei en eind september.

Mabou

De Mabou Highlands zijn een voorgebergte van de Cape Breton Highlands. Deze, overigens niet zo erg hoge, bergketen vormt het noordelijkste deel van het eiland. Aan de voet van de Mabou Highlands ligt het dorp Mabou.

An Drochaid

In Mabou is aan 11513 Route 19 het museum An Drochaid, Gaelisch voor ‘de brug’. Daar zijn exposities over de historie van deze regio en over plaatselijke muziek. De nadruk ligt daarbij op Gaelische en Schotse tradities. Het museum bevindt zich in een voormalige ‘general store’ en is open van eind juni tot eind augustus (niet op maandag).

Mother of Sorrows Pioneer Shrine

Aan 45 South West Ridge Road staat een minikerkje dat is gewijd aan Onze Lieve Vrouwe der Smarten en de pioniers van Mabou. Het wordt een heiligdom genoemd: Mother of Sorrows Pioneer Shrine. In het witte, houten kerkje staat een daaraan gewijd beeld.

MacFarlane Woods

Hoe de wouden er in deze streek uitzagen voor de Europeanen kwamen en met ontbossing en cultivering begonnen, is te bekijken in het natuurgebied MacFarlane Woods. Dat ligt boven op een heuvel, bereikbaar vanaf MacFarlane Road. Er staan onder andere esdoorns, beuken en berken die nooit door mensenhanden zijn beroerd.

Glenville

Glenora Distillery

Op een landkaart is het niet terug te vinden, maar even ten noorden van Mabou ligt het gehucht Glenville. Hier is aan 13766 Route 19 de Glenora Distillery. Dit is de enige stokerij van ‘single malt’ whisky in Noord-Amerika. In de beginjaren, gedraaid wordt sinds 1990, heette die Scotch. Maar sinds de Europese wetgeving onder andere bepaalt dat ‘Scotch whisky’ uit Schotland moet komen (net als champagne uit de gelijkname streek in Frankrijk), is de naam gewijzigd in ‘Canadian whisky’. Grondstof is gerst. Dat is anders dan in de andere Noord-Amerikaanse whisky’s, waar een mengsel van rogge en maïs wordt gebruikt; vandaar het 'single malt'. Er worden rondleidingen met een proeverij verzorgd en er is een pub bij waar bijna iedere dag ceilidhs worden gehouden. In een klein museum zijn displays over whisky en de Glenora Distillery.

Bestemmingen in de omgeving van Zuidwestkust van Cape Breton in Nova Scotia