Kunst, cultuur en architectuur

Turijn is geen Rome of Florence, maar toch is er veel te genieten van de kunst in de paleizen, kerken en musea van Piemonte. Behalve Turijn bezit ook Vercelli veel bezienswaardigs. Naast de overal aanwezige sacrale kunst zijn er veel weelderig gebouwde en ingerichte paleizen en kastelen, meestal van de Savoye-familie. In enkele afgelegen bergdalen is de originele waldenzencultuur bewaard gebleven, van de protestanten, die hierheen gevlucht waren voor de vervolging door de katholieke kerk. Als doorgangsland heeft Piemonte culturele beïnvloeding ondergaan van buiten de regio: Lombardisch, Frans, Spaans en zelfs Vlaams.Lokale tradities zijn op veel plaatsen door de tijd heen bewaard gebleven.

De belangrijkste monumenten uit de tijd van de Romeinen zijn: de Augustusboog en het amfitheater van Susa, de Porta Palatina van Turijn en het aquaduct bij Alessandria.

In de Middeleeuwen werden er veel kerken en kloosters gebouwd, zoals de Romaanse Sacra di San Michele, de kathedraal van Casale Monferrato en de abdijen van Vezzolano en Staffarda. Langs de oude pelgrimsroute van Frankrijk naar Rome, de Via Francigena, werd een snoer van hospices en kloosters gesticht. Gotisch zijn de Sant'Andrea van Vercelli en de Sant'Antonio van Ranverso. Aan de gevels van de 14e/15e-eeuwse kerken van Ranverso, Saluzzo, Chieri, Cirié en Chivasso vormen de hoge terracotta spitsen boven het portaal een kenmerkend element.

Tijdens de renaissance werden kunst en architectuur beheerst door een groot aantal belangrijke artiesten. Zo bestond er in Vercelli een schildersschool, met Giammartino Spanzotti als voornaamste meester. In de kerk van Ivrea kan men fresco's van hem zien. Het is ook de glorietijd van Piemontese artiesten als Macrino d'Alba, D. Ferrari, G. Giovenone, maar vooral van de geniale Gaudenzio Ferrari, schilder, beeldhouwer en architect. Vooral in Varallo is werk van hem te zien, in de Sacro Monte en in kerken.

Het vorstenhuis van Savoye bevorderde de architectuur in barokstijl. De bekendste bouwmeesters waren de gebroeders C. en A. di Castellamonte, Guarino Guarini en later Filippo Juvarra. Van Guarini is de kapel van de Sindone (lijkwade) in de dom van Turijn, de San Lorenzo en het Carignanopaleis. Over de authenticiteit van de lijkwade (die van Jezus Christus zou zijn) wordt tot op de dag van vandaag door wetenschappers gedebatteerd.

Juvarra heeft de architectuur van Piemonte en zelfs van heel Italië in de 18e eeuw sterk beïnvloed, met vooral voorbeelden in Turijn. Hij bouwde paleizen en kerken, zoals de Superga-basiliek, het palazzo Madama en zijn meesterwerk: het jachtslot van de Savoyes, Palazzina di Stupinigi. Zijn roem en invloed bepaalden de bouwstijl aan vele Europese hoven, totdat de barok werd opgevolgd door het neoclassicisme.

Na een lange periode van culturele stagnatie kregen kunst en architectuur in Piemonte nieuw elan door mee te gaan met een nieuwe bouw- en ontwerpstijl, die men in Italië 'liberty' noemde, elders 'art nouveau' of 'Jugendstil'. Deze stijl verbreidde zich over diverse centra in Europa aan het begin van de 20e eeuw. In de heuvels om Turijn en in de stad zelf staan nog gebouwen en villa's uit die periode.

Tussen beide wereldoorlogen braken diverse stromingen door, zoals het 'futurisme'. Zeer recentelijk heeft de architect Renzo Piano het oude Fiat-fabrieksgebouw in Lingotto omgebouwd tot een multifunctioneel congrescentrum en winkelgalerij, met op het dak een galerie voor de kunst uit de collectie van Fiat-eigenaar Agnelli.