Madrid

Het Palacio de Comunicaciones in Madrid, de hoofdstad van Spanje.
Palacio de Comunicaciones in Madrid, ©Kadellar

Highlights Madrid

Gouvernementeel en volks Madrid is van oudsher het politieke en financiële hart van Spanje. Al denken ze daar in Baskenland en Catalonië anders over. Maar de Plaza Mayor is onbetwist een van de mooiste pleinen van Spanje. Strijk neer in El Retiro, het Madrileense Vondelpark. Of dwaal over de beroemdste markt van Spanje, El Rastro en slenter door de volkswijken Huertas en La Latina.

Gouden driehoek

De belangrijkste musea van Madrid bevinden zich dicht bij elkaar en vormen zo een ‘gouden driehoek’. Waaronder het wereldberoemde Prado, Spanjes ‘Rijks Museum’, met de ‘zwarte doeken’ van Goya. Picasso’s beroemde werk ‘Guerníca’ heeft na lange omzwervingen zijn definitieve bestemming gevonden in het Museo Nacional Centro de Arte Reina Sofía.

Van hofstad naar hoofdstad

De Spaanse hoofdstad Madrid heeft lang moeten wachten alvorens het zich Ciudad Capital de España kon noemen. Het wispelturige Spaanse hof gaf de voorkeur aan achtereenvolgens Sevilla, Valladolid en Toledo als hoofdstad. Totdat Filips II in 1561 met zijn hele gevolg naar Madrid verhuisde. In 1606 riep troonopvolger Filips III de stad definitief uit tot hoofdstad van het Spaanse koninkrijk.

Dat Madrid die status kreeg was een politieke keuze. Tegen het eind van de Middeleeuwen telde Spanje machtiger steden, maar die stonden elkaar naar het leven. Ter wille van de eenheid besloot de nieuwe koning het onbeduidende, maar neutrale en geografisch precies in het midden van het land gelegen Madrid uit te roepen tot hoofdstad.

De naam van de stad duikt voor het eerst op in de elfde eeuw als Alfons Vl van León en Castilië het welvarend landbouwstadje Majrit op de Moren verovert. De islamieten hebben op het verdorde Spaanse Hoogland een waar wonder verricht. Met behulp van omvangrijke irrigatiewerken, zogenaamde majras, hebben ze de onbetekenende marktplaats tot grote bloei weten te brengen.

De zeventiende eeuw was voor Madrid economisch en cultureel een gouden eeuw. Niet alleen werd het eerste deel van Cervante's Don Quichote uitgegeven, maar ook veel beroemde schilders vestigden zich in de stad: Lope de Vega, Calderán, Velásquez, El Greco en Rubens. In dit rijke culturele klimaat werd in de loop van de achttiende eeuw het wereldberoemde Prado Museum geopend.

Na zijn culturele en economische hegemonie stormvast te hebben verankerd, vestigde Madrid in de negentiende eeuw definitief zijn macht als politiek centrum van het verdeelde Spanje. Hier vielen door de hand van Napoleon dan ook de meeste slachtoffers in de strijd om de troon, indringend weergegeven in de ‘zwarte doeken’ van Goya.

'No pasaran'

Tijdens de Spaanse Burgeroorlog (1936-39) waren alle inspanningen van Franco erop gericht Madrid als het symbool van de natie snel in handen te krijgen. Duitse vliegtuigen voerden daartoe bombardementen uit op de stad. De Internationale brigades wisten vanwege dezelfde symboliek van geen wijken. De communistische slogan ‘No pasaran’ - ze komen er niet door - zou bijna tweeënhalf jaar de stad beheersen.

Het zwaar gehavende Madrid gaf zich op 28 maart 1939 aan de fascisten over en Franco reed triomfantelijk door de Puerta del Sol, de ‘zonnepoort’ die toegang geeft tot het centrum van de stad.

Franco's centralisme kende een groot gewicht toe aan Madrid als administratief en politiek centrum van het land. Dat resulteerde na WO II in een explosieve groei van de stad; tot voor kort leek daaraan geen einde te komen. De kredietcrisis die in 2007 uitbrak en de tot op heden voortwoekerende Europese staatsschuldencrisis hebben die groei een halt toegeroepen.

Politiek en economisch machtscentrum

Madrid telt meer dan drie miljoen inwoners, niet meegeteld de uitdijende voorsteden die de provincie Madrid tot de dichtstbevolkte van het land maken. Het bestuur van de stad bestaat naast een burgemeester dan ook uit vier loco-burgemeesters.

Madrid is niet alleen regeringszetel, maar speelt ook economisch, financieel en cultureel een overheersende rol in Spanje. Zij het dat daar de laatste jaren meer en meer op wordt afgedongen door het politieke, economische en culturele zelfbewustzijn van de verschillende autonome regio’s.

Economisch heeft de stad de strijd met Barcelona al verloren; daar heeft de aanleg van het eerste traject van de Spaanse hogesnelheidstrein (AVE) tussen Madrid en Sevilla weinig aan veranderd.

Met het doortrekken van de spoorlijn naar Barcelona zal die voorsprong bovendien slechts van korte duur zijn. Wel is en blijft Madrid het financiële centrum van Spanje - de belangrijkste banken en verzekeringsmaatschappijen hebben er hun hoofdkantoor; de effectenbeurs van Madrid is na die van Londen en Frankfurt nog altijd de grootste van Europa.

Madrid neemt met Barajas International Airport, het Spaanse ‘Schiphol’, ook als verkeersknooppunt een centrale plaats in in het land. Ook architectonisch: het vliegveld van Madrid kreeg in 2006 de prestigieuze Britse Sterling Prize, de ‘Oscar van de architectuur’, na onderhanden te zijn genomen door de Engelse architect Richard Rogers. Wie door de 1,2 km lange kleurrijke aankomst- en vertrekhal loopt, ontkomt er niet aan op een feestelijke manier te worden geïmponeerd.

Glansrol

Cultureel speelt de Spaanse hoofdstad niet meer die glansrol als in het verleden toen de stad genoeg had aan het wereldberoemde Museo del Prado. Met kostbare en ambitieuze restauraties van historische gebouwen en het openen van nieuwe musea en theaters is er de laatste decennia alles aan gedaan de oude glorie van de stad als centrum van de Spaanssprekende wereld te doen herleven.

Aan herstel van die roem is de Madrilenen, of de gatos (katten) zoals de bevolking in de volksmond wordt genoemd, veel gelegen om niet helemaal te worden losgeweekt van het eens zo machtige regentenverleden.

Kaart van Madrid