Dierenwereld

Steenbok in de Alpen
Steenbok (Capra ibex) op de Gueggisgrat tussen Niederhorn (1934 m) en Gemmenalphorn (2061 m) boven Interlaken in het Berner Oberland, ©Switzerland Tourism-Lorenz Andreas Fischer

De dierenwereld verschilt niet veel van die in de andere MiddenEuropese landen, maar wordt uiteraard wel door het alpiene karakter van het land beïnvloed. In de bossen van de Jura en de Zwitserse Hoogvlakte leven veel herten, hazen en vossen. Gemzen en alpenmarmotten (.Murmeltiere) komen nog veel voor in de hogere streken. De bontgekleurde alpenmarmotten leven in groepen in ondergrondse holen en gangen. Zij worden 50 tot 60 cm lang en zijn herkenbaar aan hun lange, donkere staart. U komt ze overdag meestal tegen op open vlakten tussen de 1400 en 2800 m, maar soms ook op rotsachtig terrein. Waakzaam als ze zijn zitten ze vaak op hun achterpoten de omgeving te observeren. Andere dieren, zoals steenarenden, wilde zwijnen en sneeuwhazen, zijn in de laatste tientallen jaren zeldzamer geworden. De alpensteenbokken waren geheel uitgeroeid, maar gelukkig heeft men weer een aantal uit kunnen zetten. De donkerbruin gekleurde steenbokken hebben hoorns die soms 60 tot 80 cm lang worden. De hoorns van de geiten zijn korter dan die van de bokken. Ongeveer honderd vogelsoorten hebben hun thuis in dit fraaie land, de helft broedt ook in het alpengebied. De bekendste vogel is zonder twijfel de steenarend. Het is een donkere vogel met een goudkleurige glans op kop en hals. Met zijn spiedende ogen en haakvormige snavel jaagt hij op vogels en andere kleine dieren. Zijn lichaamslengte varieert van 75 tot 90 cm, maar met zijn omvangrijke vleugels lijkt hij veel groter. Andere veel voorkomende vogels zijn alpenkraaien (rode snavel), alpenkauwen (gele snavel) en rotskruipers.