Van de 19de eeuw tot heden

Openluchtmuseum Ballenberg
Openluchtmuseum Ballenberg, ©Switzerland Tourism-STST-STTP-Marcus Gyger

Burgeroorlog

In 1814 traden de laatste drie kantons tot de confederatie toe, die nu 22 leden telde. Na de nederlaag van Napoleon werd Zwitserland in 1815 tijdens het Congres van Wenen als onafhankelijke staat erkend. Het land was nog steeds in een protestants en katholiek kamp verdeeld. De protestantse liberalen vonden de nieuwe staatsvorm nog niet progressief genoeg, wat leidde tot conflicten met de katholieke conservatieven. De tegenstellingen escaleerden in 1847 in een burgeroorlog, die door de protestanten werd gewonnen. Nu was de weg vrij voor werkelijke hervormingen.

Grondwet

In 1848 werd een nieuwe grondwet opgesteld. De losse statenbond werd een hechte confederatie met een centrale regering die het gezag van de kantons overkoepelde. Landsaangelegenheden werden door de centrale regering geregeld. De grondwet van 1874 bekroonde de 'eenheid in verscheidenheid'.

Wereldoorlogen

Zwitserland wist zowel gedurende de Eerste als de Tweede Wereldoorlog zijn neutraliteit te bewaren. De neutraliteit werd in augustus 1938 officieel geproclameerd. Het land mobiliseerde zijn troepen meteen na de Duitse inval in Polen in september 1939 en concentreerde de verdediging op de grenzen met de omliggende landen. Het leger bouwde onder leiding van generaal Henri Guisan de Alpen uit tot een versterkt fort, het Reduit National, waarin de gewapende macht in geval van een Duitse invasie zich zou moeten terugtrekken. Guisan zette zijn plannen hiervoor uiteen op een vergadering van commandanten en officieren op de historische bergweide van Rütli, wat bij de Zwitsers een nationaal enthousiasme opriep, maar de Duitsers tot protesten en een eis tot ontslag van Guisan bracht. Zwitserland ging echter niet in op deze eis. Het moest wel in de loop van de oorlog verschillende concessies aan de Duitsers doen, aangezien Zwitserland verschillende noodzakelijke producten moest importeren, zoals grondstoffen en levensmiddelen.

Bloeiperiode

Na de oorlog veranderde er weinig in Zwitserland, dat een bloeiperiode beleefde in vergelijking met de omringende, door oorlogsverwoestingen getroffen landen. Belangrijke strijdpunten in de naoorlogse geschiedenis waren de invoering van het vrouwenkiesrecht na een referendum in 1971 en de grote toevloed van buitenlandse werknemers. De rechten van de laatsten werden beperkt door hen als seizoenarbeiders te beschouwen. In 1978 werd eveneens bij referendum een grondwetswijziging doorgevoerd, waarbij het nieuwe kanton Jura werd gevormd, dat zich hiermee als Franstalig en overwegend katholiek gebied afscheidde van het Duitstalige en protestantse Bern. In 1990 gingen er in Jura weer stemmen op voor een nieuw samengaan met het kanton Bern.

Onrust

In het overwegend rustige Zwitserland begonnen de jaren tachtig met grote onrust onder jongeren, vooral in Zürich en later in enige andere steden. De jongeren eisten een grotere individuele vrijheid en keerden zich tegen de burgerlijke en materialistische levensstijl die in Zwitserland heerste. De ongeregeldheden concentreerden zich vooral op zaterdagavonden, waarbij met name in Zürich veel schade aan winkels werd toegebracht. De animo voor de rellen nam na enige tijd af maar de ontevredenheid onder veel jongeren steekt af en toe weer de kop op.

Referendums

In 1981 stemde een ruime meerderheid van 60,3 procent voor de gelijkberechtiging van man en vrouw. In 1983 kwam er voor het eerst een vrouw in de regering.

Er werd een referendum gehouden over opheffing van het bankgeheim: het voorstel werd afgestemd. Andere referendums verwierpen een lidmaatschap van de Verenigde Naties en afschaffing van het leger.

Een heel belangrijk referendum (met een geringe opkomst van 39 procent) werd najaar 1990 gehouden. Een meerderheid sprak zich daarbij uit tegen sluiting van bestaande kerncentrales en voor een tienjarig verbod op de bouw van nieuwe centrales met kernenergie. Twee jaar later nam men een speciale wet aan ter bescherming van het oppervlaktewater.

Actuele problemen in Zwitserland zijn de grote toevloed van asielzoekers en immigranten (de Überfremdiing), die in bepaalde kringen tot een hernieuwd nationalisme heeft geleid.

Hoewel Zwitserland geen lid is van de Europese Unie, sluit zij in 2000 een bilateraal verdrag met de EU; in 2002 wordt Zwitserland lid van de Verenigde Naties. Tijdens de financiele crisissen in 2008 en 2011 blijkt de Zwitserse franc een sterke munt die gelijke koers houdt met de waarde van het goud. Niet iedereen is hier blij mee, omdat hiermee de export van Zwitserland onder druk komt te staan. In 2015 laat de Zwitserse regering de koppeling met de Euro los, waardoor de Zwitserse franc snel ongeveer 20% in waarde stijgt ten opzichte van de Euro.