Media

De media in de Socialistische Federale Republiek Joegoslavië waren talrijker, gevarieerder en minder door de staat gecontroleerd dan in andere communistische landen. De grondwet garandeerde persvrijheid, vrijheid van meningsuiting en informatie. Toch was het land niet vrij van censuur. Er waren wetten om ‘misbruik van de persvrijheid’ tegen te gaan, waardoor overheidscensuur vooraf mogelijk werd gemaakt. De formulering van deze wetten was zo vaag, dat ze de autoriteiten de mogelijkheid gaven arbitrair op te treden als het ging om het verbieden van uitingen, die door het regime als staatsgevaarlijk werden beschouwd.

Toen in de jaren zeventig steeds meer macht werd toegekend aan de zes deelrepublieken en de twee autonome provincies, werden ook de media gedecentraliseerd. De nieuwe kranten werden na de dood van Tito in 1980 kritischer ten aanzien van de federale regering. Door nationale sentimenten aan te wakkeren ondersteunden ze de lokale machthebbers. Dit ging aanvankelijk nog verdekt, maar vanaf eind jaren tachtig werden nationalistische uitingen ook in de media salonfähig. Vanaf begin jaren negentig kwamen de media in heel Joegoslavië in de ban van het etno-nationalisme. Het conflict was letterlijk op elke krantenpagina aanwezig.

Bosnisch-Servische media namen veel nieuws over van media in Servië. De Kroaten werden beschuldigd van fascisme, de Bosnjakken van moslimfundamentalisme. Hoewel de Kroatische bevolking enigszins dubbelzinnig tegenover Bosnië stond en daarmee de houding van de in Bosnië wonende Kroaten reflecteerde, is daar in de media in Kroatië en de Kroatische autonome regio Herceg-Bosna weinig van te merken. Hierin werd eenduidig de kant van het Kroatisch nationalisme gekozen. In gebieden, die de Bosnjakken controleerden debatteerde de pers iets openlijker over politieke zaken. De belangrijkste Bosnjaks-nationalistische kranten waren Slobodna Bosna, opgericht in 1991, en Ljiljan, opgericht in 1992 als opvolger van Muslimanski Glas.

Het is te simpel om te stellen, dat de media volledig langs etnische lijnen verdeeld waren. Ze waren net zo versnipperd als de oorlogvoerende partijen. Overal kwamen lokale kranten uit, die weer net iets andere doelen nastreefden dan de drie grote nationalistische blokken. Niet-nationalistische media waren bijvoorbeeld de krant Osloboéenje en de omroep RTVSA, waar veel (ex-)communisten werkten die een multi-etnisch Bosnië bleven verdedigen. Een opvallende verschijning was ook het liberale weekblad Dani uit Sarajevo, dat wordt beschouwd als de meest onafhankelijke krant, die tijdens de oorlog in Bosnië uitkwam. Het blad was kritisch ten opzichte van zowel communisme als nationalisme en tegenover alle strijdende partijen in de oorlog.

Osloboéenje, (bevrijding) werd vlak na Tweede Wereldoorlog opgericht, Dani (dagen) en Slobodna Bosna (vrij Bosnië’) bestaan nog steeds. De laatste is nu een onafhankelijke krant en een van de weinige die zowel in de Republika Sprska als in de federatie uitkomt. Andere populaire kranten zijn Dnevni Avaz (dagelijkse stem), die vooral door Bosjakken wordt gelezen en Nezavisne Novine (onafhankelijke krant), die gericht is op vrijzinnige Serven en Glas Srpske (Servische stem) met een nationalistischer geluid. Veel mensen in de Republika Srpska lezen Servische kranten zoals de kwaliteitskrant Politika en het populistische Blic. Onder Bosnische Kroaten zijn vooral Dnevni list (dagblad) en kranten uit Kroatië populair. Ook is er een Engelstalige krant: The Bosnian Daily.

Bosnië-Herzegovina heeft drie publieke omroepen. PBSBiH (met de zender BHTV1) is voor iedereen, RTV FBiH (met de zenders FTV 1 en 2) richt zich op de inwoners van de federatie en RTRS op de Republika Srpska. Alle drie de omroeporganisaties hebben naast tv- ook radiozenders. Er is ook een aantal commerciële zenders. Hyat richt zich niet alleen op de mensen in Bosnië zelf, maar ook op de miljoenen Bosniërs die in het buitenland leven. Populair zijn ook het Open Broadcasting Network (OBN) en Mreza Plus. Ten slotte heeft ook het Servische Pink tv, een MTV-achtige zender, een groot marktaandeel. Internet is in Bosnië nog niet zo doorgebroken als in West-Europa, maar het wordt steeds belangrijker. De populairste portals zijn van de gevestigde kranten als Dnevni Avaz, Osloboéenje en Nezavisne Novine.

De persvrijheid is in de wet goed geregeld, maar media moeten vaak nog leren daarmee om te gaan. Vaak hebben ze de neiging om alles en iedereen af te kraken. Bovendien blijven veel kranten en zenders in etnische termen denken. Er zijn verschillende projecten gaande om een meer open debat te stimuleren. Gerenommeerde media uit West-Europa en Noord-Amerika helpen daarbij.

Gerelateerde onderwerpen

  • Architectuur

    Osmaanse architectuur in Mostar
    Het verschil tussen Osmaanse en Habsburgse architectuur is zonneklaar. Typische Osmaanse bouwwerken zijn de moskee (džamija), de koranschool (medresa), het...
  • Keuken

    De koffie wordt op traditionele wijze gezet
    Bosnië heeft een sterke culinaire traditie. Ook op dit gebied zijn de verschillende cultuurinvloeden herkenbaar. In een slastiwarna zijn de zoete gerechten uit...
  • Literatuur

    Borstbeeld van Ivo Andric in Travnik
    Je kunt erover discussiëren of er wel een specifieke Bosnische literatuur bestaat. Doordat de grenzen op de westelijke Balkan zo vaak verschoven zijn, hangt de...
  • Muziek en dans

    Traditionele danskostuums van de Bosnjakken
    Veel Bosniërs zijn opgevoed met muziek en kennen talloze liederen uit het hoofd. Als iemand op een avond onder vrienden of in een café begint met zingen, gaat...