Landschap van de Negevwoestijn

Negevwoestijn in de omgeving van de Dode Zee
Negevwoestijn in de omgeving van de Dode Zee, ©Ronnie Rokebrand

De Negevwoestijn omvat twee derde van het gebied van het Israël van voor 1967 en is geografisch gezien een verlenging van de Sinaïwoestijn. Slechts 6% van de bevolking woont er, onder wie veel pioniers in ontginningsprojecten. Het noordelijk deel van de Negev wordt gekenmerkt door lage heuvels van zandsteen, steppen en lössvlakten. Centraal in dit gebied ligt de stad Beersheva, de belangrijkste marktstad.

Ook in de Negevwoestijn wordt veel bos aangeplant. Als men dit niet zou doen, is de vrees gerechtvaardigd, dat de steppevorming van de noordelijke Negev oprukt naar Tel Aviv en Jeruzalem. Op de lössvlakten rondom Beersheva maakt men gebruik van het spaarzame regenwater om de gronden te bevloeien en daarmee vruchtbaar te maken. Zodoende is rond de stad een gordel van groen aangelegd door gebruik te maken van dijkjes, greppels en op strategische punten aangelegde terrassen. In het algemeen zakt in woestijnachtige gebieden minder dan 50% van het regenwater in de grond, terwijl de rest via wadi’s wegstroomt. Opvang van water in reservoirs is derhalve een belangrijk onderdeel van de bosbouw geworden. Vermindering van erosie door de aanwezigheid van bomen heeft al tot het behoud van honderden hectaren agrarische grond geleid.

In het centrale deel van de Negev zijn de bergen hoger en is het klimaat droger. Hoge, hoekige bergen, erosie-keteldalen (diepe, rondom ingesloten, ketelvormige dalen) en hoogvlakten bepalen het beeld in dit gebied. De enige nederzetting in dit gebied is Mizpe Ramon. In de groeven in de omgeving wordt gips, zilverzand (glaszand) en fijne klei gewonnen. Andere mineralen die in commercieel exploiteerbare hoeveelheden in de Negev voorkomen zijn: fosfaten, zwavel, aardgas, aardpek en verschillende gesteenten die geschikt zijn voor bouwwerkzaamheden. Op de Rotemvlakte is de eerste energiecentrale ter wereld gebouwd, die op verbranding van oliehoudende leisteen draait. Israël bezit grote voorraden oliehoudende leisteenlagen.

In het zuiden van de Negev, in het Eilatgebergte, liggen de kopermijnen van Timna, waaruit koning Salomo ongeveer drieduizend jaar geleden reeds koper haalde. Het Eilatgebergte vormt de zuidpunt van de Negevwoestijn. Scherpe, hoekige en verweerde toppen van grijs en rood graniet onderbroken door droge ravijnen en steile rotsen, opgebouwd uit lagen zandsteen, bepalen het beeld in dit deel van de Negev. In tegenstelling tot wat veel mensen denken bestaat een woestijn voor een derde deel uit vast gesteente, voor een derde deel uit grind en voor een derde deel uit zand. Slechts 0,01% bestaat uit het echte fijnkorrelige fraaie zand waar velen een woestijn mee identificeren.

Op de uiterste zuidpunt van de Negevwoestijn ligt de havenplaats Eilat, gelegen aan de oevers van de Golf van Aqaba (Golf van Eilat). Deze zeeëngte staat in rechtstreekse verbinding met de Rode Zee. Via deze haven vinden veel stukgoederen en grondstoffen, zoals olie, hun weg naar de steden in Israël. De warme winters, de kleurrijke koraalriffen, de aangename temperatuur van het zeewater en de zandstranden, hebben van Eilat een bekende badplaats gemaakt.

Gerelateerde onderwerpen

  • De Jordaanslenk

    De Dode Zee in de Jordaanslenk in Israel
    De Jordaanslenk is op zijn beurt een onderdeel van de Grote Syrisch-Afrikaanse Slenk (Riftvallei), een breukzone die zich van Noord-Syrië tot ver naar het zuiden...
  • De kustvlakte in het westen

    De kustvlakte in Israel
    De kustvlakte in het westen heeft een lengte van ongeveer 200 km en een breedte van ongeveer 20 km. Duinen beschermen dit gebied tegen het aanstormende water van...
  • Het westelijk bergland

    Uitzicht vanaf Jericho op de Westelijke Jordaanoever
    Het westelijk bergland is van noord naar zuid ongeveer 320 km lang. Het gebergte wordt het westelijk bergland genoemd, omdat deze bergrug zich ten westen van de...